Selecteer een pagina

Geluid

Praktijklokalen – Bouwnijverheid

In de (praktijklokalen voor de) bouw wordt veel gebruikgemaakt van machines die hoge geluidsniveaus produceren. Uitgebreide informatie over de geldende wet- en regelgeving, de risico’s en de te nemen maatregelen is opgenomen in het thema.

Normen en wetgeving

  • Als onderdeel of actiepunt in de RI&E bepaalt u de blootstelling aan geluid.
  • De school licht de medewerkers en studenten voor over schadelijk geluid.
  • Bij meer dan 80 dB(A) stelt de school gehoorbescherming beschikbaar.
  • Bij meer dan 85 dB(A) stelt de school het dragen van gehoorbescherming verplicht.
  • Minimaal geldt dat de onderwijsinstelling moet voldoen aan het programma van eisen Frisse Scholen klasse C (akoestisch comfort). Aanbevolen wordt dat u ernaar streeft om te voldoen aan het programma van eisen klasse B.
  • Geluidsonderzoek voert u uit volgens de norm NEN-EN-ISO 9612: 2009.
  • Er gelden geen wettelijke normen voor hinderlijk geluid. Wel zijn er op basis van de Nederlandse Praktijkrichtlijn NPR 3438 streefwaarden voor hinderlijk geluid. NPR 3438 is gericht op communicatie/spraakverstaanbaarheid en concentratie/prestatie.
  • Arbobesluit hoofdstuk 6, afdeling 3: Fysische factoren / Lawaai

Maatregelen

Geluidsmetingen

  • Bij mogelijk schadelijk geluid brengt de instelling per werkplek met behulp van geluidsmetingen het geluidsniveau in dB(A) in kaart en beoordeeld dit volgens de norm NEN-EN-ISO 9612:2009.
  • Bij hinderlijk geluid meet u het geluidsniveau op de werkplek en toetst dit aan de richtlijnen van NPR 3438.
  • Bij problemen met de akoestiek van een ruimte schakelt de school een deskundig bureau in.

Markeren

  • Alle plaatsen, werkhandelingen en machines met (mogelijk) schadelijk geluid of lawaai (meer dan 80dB(A) zijn bekend en aangegeven met borden of markering op de grond of op het apparaat.

Bescherming

  • Bij een dagdosis hoger dan 80 dB(A) stelt de school gehoorbescherming beschikbaar.
  • Bij een dagdosis hoger dan 85 dB(A) stelt u gehoorbescherming verplicht.
  • Op plaatsen waar gehoorbescherming noodzakelijk is, zijn voldoende passende en geschikte gehoorbeschermingsmiddelen beschikbaar. Dit is bijvoorbeeld het geval in praktijkruimtes waar machinale houtbewerking, metaalbewerking of motorvoertuigentechniek plaatsvindt, en bij het gebruik van machines in het groen. Vanwege hun toezichthoudende taak hebben de docenten de beschikking over otoplastieken.
  • Aan werknemers die blootstaan aan een dagdosis van meer dan 80 dB(A), biedt de school een audiologisch onderzoek aan. Deelname is vrijwillig.

Aanpak

  • Bij een dagdosis hoger dan 85 dB(A) bestrijdt de school het lawaai aan de bron door- in onderstaande volgorde:
    1. een andere machine of andere techniek toe te passen;
    2. lawaaibronnen/werkstukken te omkasten en af te schermen;
    3. de tijdsduur van blootstelling aan lawaai te beperken.

Inkoop

  • U koopt zo veel mogelijk lawaaiarme (minder dan 80 dB(A)) machines en gereedschappen in, zoals: lawaaiarme zaagbladen en freeskoppen en geluidgedempte compressoren en luchtgereedschap.

Onderhoud en afstemmen

  • U laat machines en gereedschappen regelmatig onderhouden en afstemmen. Door goed onderhoud en een juiste afstelling ontstaat minder lawaai. Denk aan: lekke persluchtleidingen, trillende apparatuur, lagers en tandwielen.
  • De overdracht van lawaai beperkt u zo veel mogelijk door:
    • een scheidingswand tussen lawaaibron en overige werkplekken aan te brengen (plaats bijvoorbeeld houtbewerkingsmachines in een aparte ruimte);
    • lawaaiproducerende apparaten in gescheiden ruimtes te zetten (zoals een compressor en een afzuiginstallatie);
    • geluidsabsorberende maatregelen te nemen, zoals baffles en lamellen aan het plafond te plaatsen;
    • organisatorische maatregelen te treffen om de blootstellingsduur en het aantal blootgestelden te beperken.

Informatie en tools